Benoît Viaene
Ontwerper en maker in één
Architect Benoît Viaene groeide op in een gezin waar bouwen een vaste plaats innam. Toch ontkiemde de passie voor architectuur buiten de ouderlijk thuis, de schoonheid van gebouwen genietend en ontdekkend tijdens zijn wandelingen door straten…
“Op stap langs straten in steden keek ik altijd naar boven, naar de gevels die zo vaak onopgemerkt blijven” opent Benoît Viaene. “Ik vroeg me af of de panden nog bewoond zouden zijn, hoe het er binnen zou uitzien of hoe mooi het er vroeger was. Het is als met de auto rijden, je ziet veel meer als je niet zelf achter het stuur zit en moet focussen op het verkeer”. De evolutie van onze steden baart hem zorgen, omdat er zoveel verloren gaat, mooie winkels sluiten, toeristen de centra overspoelen terwijl de eigenheid verdwijnt en bewoners zich als vreemden voelen in hun eigen stad. “Er moet beter nagedacht worden over de praktische werking en beleving van onze steden” benadrukt hij. “Stadsontwikkeling is veel meer dan enkele mobiliteitsplannen neerleggen, die dan nog vaak meer pollutie veroorzaken dan men ermee wil vermijden”.
Een groot hart voor wonen
Architect Benoît Viaene studeerde af aan het Hoger Architectuurinstituut Henry van de Velde, een keuze die werd ingegeven door de toepassingsgerichte aanpak van het instituut. Bovendien brengt het instituut de opleidingen architectuur, binnenhuisarchitectuur en industriële vormgeving samen. “Wonen gaat over de totaliteit van de locatie, de architectuur, het interieur en de beleving” duidt Benoît Viaene zijn visie. “Alle aspecten moet in harmonie gebracht worden. Architectuur staat niet op zich, maar biedt bescherming aan het leven binnen de woning, waardoor architectuur onlosmakelijk is van het interieur. Wonen is een bron van herinneringen doorheen het leven”.

‘Als ontwerper waak ik over de uitvoering van elk ontwerp, zoek ik naar hoe het kan gemaakt worden.’
De architect ziet zijn missie als het wensenpakket van zijn klanten te kneden rond hun bewoning. “De woning moet zich aanpassen aan de mensen die er wonen, niet omgekeerd.” Benoît Viaene voelde een grote nieuwsgierigheid naar materialen; het werd haast een obsessie: “Materialen voelen, ze bewerken en er zelf mee leren omgaan, neemt een belangrijke plaats binnen mijn architectuurbeleving. Met vallen en opstaan ben ik materialen anders gaan bekijken, durf ze uit hun vertrouwde context te halen. Kurk is zo een materiaal waarmee heel wat mogelijk is in interieurs. Zo maakte ik in ons atelier een 3,80m lange eettafel in kurk. Het is een constant zoeken en experimenteren, gestandaardiseerde procedés durven loslaten. Anders naar dingen kijken maakt het mogelijk om de limieten van de standaard toepassingen te overstijgen”.
Creatie en realisatie harmonisch versmelten
Architect Benoît Viaene beperkt zich niet tot de creatie, maar wil zijn ontwerpen ook uitvoeren. “Ik blijf geprikkeld door het zoeken naar hoe een ontwerp kan gemaakt worden” geeft hij aan. “Door zelf aan de slag te gaan bouw je een eigen kennisbibliotheek op. Je gaat ontwerpen doordenken naar de uiteindelijke uitvoeringsfase”. Hoewel de drang tot ‘maken’ zeer groot is, kan men vanzelfsprekend niet alles zelf doen. Voor architect Benoît Viaene is het dan ook belangrijk als ontwerper te kunnen uitleggen hoe een creatie uit te voeren. Dat vereist een zeer gevarieerd persoonlijk technisch inzicht. “Uitvoerders zijn vaak geen bedenkers van hoe iets kan gemaakt worden” leert de ervaring. “Ik doe absoluut geen afbreuk aan hun vakmanschap, maar ze houden zich meestal aan hun eigen afgebakend kunnen, werken routinematig”.
De architect houdt ervan vakmensen uit te dagen uit hun comfortzone te stappen, wat anders te doen dan wat ze dagelijks doen. Voor wie ervoor openstaat is dat een verrijking. Voor de ontwerper is dat onderdeel van het waken over de uitvoering van
elke creatie zoals die bedacht is.

Stijlvariatie
Benoît Viaene hekelt repetitief werken. Stijlvariatie is dan ook kenmerkend voor zijn werk. “Ik heb een subtiele verslaving aan altijd verder willen gaan” geeft hij toe. “Zichzelf steeds maar herhalen is ter plaatse trappelen”. Klanten komen met een individueel wensenpakket. De architect gaat daar mee aan de slag om een ontwerp op maat te maken, waarbij de bewoners altijd centraal staan. “Renovatieprojecten zijn voor mij als architect eigenlijk leuker dan nieuwbouw, omdat ik nieuw leven kan steken in bestaande panden” getuigt Benoît Viaene. “Je moet het bestaande subtiel aanpassen aan de levensstijl van de nieuwe bewoners, de ziel van de woningen behouden en respecteren. Dat sluit grote uitdagingen in, maar leidt tot oplossingen”.
Architect Benoît Viaene staat zeer dicht bij zijn opdrachtgevers, zweert bij een totale A tot Z opvolging van elk hem toevertrouwd project. “Vanaf het eerste contact met de klant ben je het geweten en de bewaker van hun project” voelt hij aan. “Maar als architect moet je ruggengraat hebben, je durven manifesteren, terwijl je toch luistert naar je klant. De klant voedt de creativiteit in zijn eigen project, maar moet daarvoor wel vooraf goed reflecteren over wat hij wil. Elk project verdient eigenheid. De wisselwerking tussen ontwerper en klant is daartoe onontbeerlijk”.
Niet langer ongelimiteerde vrijheid
“De vrijheid van architecten is sinds de Covid-19 pandemie niet langer onbeperkt” stelt Benoît Viaene vast. “De bouwkost is sindsdien met een derde tot zelfs 40% gestegen en dat beknot de creativiteit. De tijd dat klanten carte blanche gaven ligt achter de rug. Vanaf het eerste contact wordt de focus al snel gelegd op het budget dat men voor ogen heeft. Maar er is altijd een minimumbudget nodig! Dat wil niet zeggen dat het niet langer leuk is, want je wordt aangespoord uit je comfortzone te treden, alternatieven op te zoeken en ook echt te vinden… Uiteindelijk leidt dat tot meerwaarde voor het project”.

Benoît Viaene gaat graag de uitdaging aan om ondanks beperkingen toch steeds opnieuw een unieke woonbeleving te creëren en kiest daarvoor een eigen pad: “Ik geef de voorkeur aan meer investeren in de afwerking dan in het gebruik van dure materialen. Afwerking kost tijd van de vakman, maar laat heel wat creatieve speelruimte om impact te maken. Marmer in badkamers wordt veel toegepast, maar i.p.v. de platen natuursteen zoals gebruikelijk in rechthoekige panelen te verzagen, kan je er ook heel wat anders mee doen en tot iets unieks opwaarderen”.
Duurzaamheidsballon
Duurzaamheid is uitgegroeid tot een opgeblazen begrip met te weinig inhoud. “Er wordt constant over gesproken, maar vaak zonder kennis” stelt Benoît Viaene vast. “De overheid heeft geen visie, terwijl de natuur alle oplossingen in zich sluit”.
Architect Benoît Viaene initieert ons. Materialen laten zich opdelen in twee categorieën: ‘teamplayers’ en ‘egoïsten’. In de eerste categorie plaatsen zich natuurlijke materialen als bv. leem, kalk, aarde… Het zijn materialen die met elkaar samenwerken.
Denk bv. aan baksteen met een leemfinish. De samenwerking maakt dat water kan indringen, maar ook kan uittreden.
Zo ontstaat een zelfregulerende werking, iets wat perfect tot uiting komt in Venetië. De historische stad werd uitsluitend gebouwd met natuurlijke materialen en hoewel ze regelmatig overstroomt, trekt het water ook steeds terug en laat het teruggetrokken water slechts beperkt sporen achter. De gebouwen moeten dus niet jaarlijks herschilderd worden.
Heel anders met beton, dat in de categorie ‘egoïsten’ thuishoort, materialen die niet onderling samenwerken. Beton houdt initieel water tegen, maar doet dat slechts beperkt in tijd. Op termijn dringt water in, vreet de wapening aan en veroorzaakt betonrot, waarna het beton zichzelf vernielt. “We moeten leren uit hoe vroeger gebouwd werd en synergie zoeken met onze hedendaagse kennis” concludeert Benoît Viaene. “We leven in België te veel in een synthetische tijd, wat gelijk staat met een broeihaard voor bacteriën en schimmels. Terugkeren naar natuurlijke materialen is een must om echt duurzaam te bouwen. Nog een voordeel van natuurlijke materialen is dat ze een patine krijgen, die bovendien met de jaren mooier wordt”.
Levendigheid en bespoke objecten
Als creatief persoon heeft de architect altijd abstracte ideeën in zijn hoofd. Dat gegeven laat hij met zijn tafel- en meubelontwerpen versmelten met zijn liefde voor materialen en de zoektocht naar bewerkingen die afwijken van het gebruikelijke. “Kijk eens naar de lichtweerkaatsing en spiegelingen in geblazen glas zoals dat vroeger werd vervaardigd” neemt Benoît Viaene ons op sleeptouw. “Dat leeft en beweegt voortdurend; de imperfectie maakt het uniek. Dat gevoel van lichtweerkaatsing wil ik ook op natuursteen overbrengen”. Architect Benoît Viaene stak daarvoor zelf de handen uit de mouwen, kocht machines en gereedschappen. Natuursteen kreeg het gezelschap van hout. “Ieder meubelstuk is uniek!” benadrukt Benoît Viaene. “Oppervlakte, vorm, afmetingen en proporties zijn steeds anders. Een productielijn is voor mij taboe”.
De meubelontwerpen zijn uitgegroeid tot een activiteitentak op zich, met een atelier en drie medewerkers. Er wordt gewerkt met eigen ontwerpen, voor designers en interieurarchitecten wereldwijd. 85% van de opdrachten komen uit de USA. De vraag van Brusselse galerij ‘Objects With Narratives’ om zijn ontwerpen te exposeren, leidde tot een nieuw en verschillend creatieproces met lage en buffetkasten als uitkomst. “Voor dit creatief traject was ik voor mezelf de moeilijkste klant” getuigt Benoît Viaene. “Ik was klant, uitvoerder en beslissingsnemer in één; heb de volle vrijheid genomen en heb genoten van deze uitzonderlijke uitdaging aan mezelf”.






